Scholieren leren plastics recycleren: van yoghurtpotje tot speelgoedauto

ANTWERPEN – Vlaanderen is gekend voor zijn kunststofverwerkende bedrijven. Heel wat werknemers gaan er vroeg of laat aan de slag. Kinderen warm maken voor deze innovatieve en dynamische industrie is dan ook een van de doelen van PlastIQ. Met een mobiel lab brengt men scholieren in contact met de sector en dit op een ludieke en leerrijke manier.

Plastic Lab zit vol met technologische en hightech experimenten. Scholieren van het laagste jaar secundair, of de eerste graad middelbaar, worden begeleid door een techniekcoach, in ons geval Janos Wylin. De scholen werden ontvangen in het Havencentrum en kwamen uit heel de provincie, maar ook daarbuiten. Zo was vandaag de Broederschool uit Sint-Niklaas op bezoek. Liesbet Theys, educatief medewerkster bij het Havencentrum: ‘De leerlingen komen hier te weten dat kunststof op zich niet slecht is – denk maar aan tupperware -, maar wat er nadien mee gebeurt is lang niet zo fraai. Tijdens de sessie brengen ze hun zelf ingezamelde plastiekpotjes mee. Daar gaan ze dan mee aan de slag. Een yoghurtpotje wordt in geen tijd gerecycleerd naar een frisbee, een masker of een speelgoedauto.’ (zie foto).

In het Plastic Lab recycleren de leerlingen plastiek tot iets nieuws. Zo leren ze al doende dat gebruikte plastieken potjes niet persé op de vuilnisbelt hoeven te belanden. Daarom wordt hen gevraagd om zelf plastic in te zamelen, uit te wassen en mee te brengen. Voor de recyclage wordt enkel kunststof met recyclagecode 4 gebruikt (die code vind je aan de onderkant van ieder product). Vroeger contacteerden de medewerkers van PlastIQ zelf scholen om daar een demonstratie te komen geven maar dat was niet langer doenbaar. Janos: ‘Daarom spreken we zelf instanties aan waar we onze apparatuur – die uitgebreid en zwaar is – een paar dagen mogen plaatsen. We stonden nu elf dagen in het Havencentrum en volgende week vind je ons in de Brabanthal in Leuven waar 5 000 leerlingen zullen langskomen. Nu, vergis je niet, met deze sessies willen we aantonen wat mogelijk is met plastiek. De recyclage gebeurt in het ‘echte leven’ op veel grotere schaal. Het is jammer genoeg niet echt rendabel om massaal yoghurtpotjes om te bouwen maar het kan dus wel.’ Gedeputeerde Ludwig Caluwé (CD&V): ‘In een boeiende omgeving maakten leerlingen niet alleen kennis met een zeer toekomstgerichte bedrijfstak die volop werkgelegenheid biedt, het bezoek draagt ook bij tot het milieubewustzijn van deze jongeren en laat zien hoe ook vanuit de industrie volop naar oplossingen wordt gezocht.’

De leerlingen kregen voor aanvang van hun bezoek theoretische uitleg over kunststoffen, onder meer dat ze zijn opgebouwd uit bundels macromoleculen, ook wel polymeren genoemd. Een polymeer is een stof die bestaat uit moleculen die ontstaan zijn door synthese van kleine moleculen (monomeren ). Kunststof wordt voor een groot deel gemaakt uit aardolie. Met tien kilo aardolie heb je al voldoende voor het maken van 3 000 draagtassen, 1 000 yoghurtbekers of 12 000 injectiespuiten. Liesbet Theys is ervan overtuigd dat de educatieve waarde van het Havencentrum nog meer zal worden benut in de nabije toekomst. ‘De bedrijven zijn alvast vragende partij om aan te tonen dat men ze niet zomaar mag linken aan ‘vervuiling’. Ook het aantal schoolbezoeken zal toenemen. Tot nu toe haakten scholen vaak af omdat men hier enkel kan geraken met een bus en de huur daarvan kost uiteraard behoorlijk wat geld. Nog dit voorjaar zal dat euvel zijn opgelost wanneer de waterbus een halte krijgt in Lillo.’ (EM)