Hersenvocht neemt toe tijdens verblijf in de ruimte

Angelique Van Ombergen (UAntwerpen) en collega’s bestudeerden hersenen van elf kosmonauten. Een verblijf in de ruimte heeft een impact op het hersenvocht van ruimtevaarders. “We konden voor het eerst kwantitatief aantonen dat de vochtkamers of ventrikels groter worden tijdens een verblijf in de ruimte”, zegt dr. Angelique Van Ombergen (UAntwerpen). “En maar goed ook, want gewichtloosheid veroorzaakt ongewild drukverhoging in bepaalde delen van het lichaam, en die moet opgevangen worden.” Wetenschappers volgden elf Russische ruimtevaarders voor en kort na hun verblijf in de ruimte met een gemiddelde duur van zes maanden. De kosmonauten werden telkens onder de MRI-scanner gelegd. Ook zeven maanden na hun terugkeer werden ze nog een keer onderzocht. De onderzoekers focusten op de hersenen van de kosmonauten. Uit hun eerder onderzoek bleek reeds dat een verblijf in de ruimte een impact heeft op de grijze en witte stof in het menselijk brein. In een nieuwe paper, die verschijnt in het tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS), ligt de klemtoon op het hersenvocht, meer specifiek nog op de vochtkamers.

“Dat vocht ondersteunt onze hersenen en doet eigenlijk dienst als een soort interne bescherming”, vertelt dr. Angelique Van Ombergen, verbonden aan de Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen van de Universiteit Antwerpen.

Photo by NASA on Unsplash