Sophie Stukken (N-VA Wilrijk): ‘In de politiek moet je veel geduld hebben.’

WILRIJK – We zijn er noodgedwongen even uit geweest met onze weekendinterviews maar vanaf vandaag nemen we de draad weer op. Voor even want tijdens de maanden juli en augustus ligt het politieke leven toch haast volledig stil. Tot dan brengen wij u een aantal gesprekken met ‘gevestigde waarden’ in de politiek. Sophie Stukken (78) is zo iemand. Ze zetelde voor de fusie in Wilrijk voor WOW in de gemeenteraad, kreeg dan af te rekenen met kanker, overwon de verschrikkelijke ziekte en begon in 2013 een tweede politieke carrière bij N-VA. Het gesprek nam uiteindelijk een opmerkelijke wending. Een verschrikkelijke gebeurtenis, verfilmd in wellicht de meest aangrijpende Vlaamse prent ooit, heeft een stempel gedrukt op de hele familie.

Sophie Stukken is een Limburgse. ‘Thuis waren we Vlaamsgezind. De partij WOW (Waardig Ouder Worden) sprak me aan. Ze hadden geen politieke kleur. In hun programma stonden een aantal punten waar ik achterstond. Uiteindelijk is de partij overkop gegaan door slecht beleid.’ Waardig Ouder Worden ontstond uit de interne spanningen binnen ROSSEM, de partij rond Jean-Pierre Van Rossem, en was er de grootste afscheuring van. Tot de initiatiefnemers behoorden Hendrik Boonen – iemand die zowat alle politieke partijen heeft afgeschuimd – en Paul Verledens. Bij WOW zat het er bovenarms op en voor de verkiezingen van de Vlaamse Raad op 21 mei 1995 kwamen er twee aparte vleugels van WOW op.

Maar keren we terug naar het geboortedorp van Stukken: Rekem, een deelgemeente van Lanaken ondertussen. ‘Ik werd er geboren in 1941. Toen ik negen was moest ik naar Antwerpen verhuizen. Mijn ouders werden na de oorlog als ‘zwarten’ aanzien. Dat kwam zo: de zus van mijn vader was opgepakt door de Duitsers maar mijn pa stelde voor om haar plaats in te nemen. Hij moest zich dan wel kandidaat stellen bij het Duitse leger. Na de oorlog werd hij daarvoor gestraft. Mijn moeder was zogezegd de vrouw van een zwarte. Gelukkig was er een barones in het dorp die zich over ons ontfermde. We waren Foster Parents-kinderen, kregen een oorlogsmoeder en –vader toegewezen. Er werd beslist dat meisjes de meisjes bij de echtscheiding de weg van hun vader moesten volgen, terwijl jongens met hun moeder moesten meegaan, wat ik niet begrijp maar goed. Zo kwam ik in Deurne terecht. Ik was pensionair bij de Dames. Niet makkelijk want als Limburgse was ik het Frans niet echt machtig. Ik kreeg er een getuigschrift waarop ik zeer fier ben: als de leerling die het mooist Nederlands praatte. Nadien verhuisden we naar Mortsel en ging ik aan het werk als kinderverzorgster tot mijn dochter werd geboren.’

In 1963 kwamen zij en haar echtgenoot in Wilrijk terecht. ‘Ik ben heel sociaal. Ik ben lid van heel wat verenigingen, deed in de school mee de na-bewaking. Vandaar ook de stap naar de politiek. Mijn man was lid van de Volksunie. Ik engageerde mij voor de ‘één frank club’, dat waren werknemers van Gevaert die één frank van hun loon afstonden zodat wij – als vrijwilligers – mensen thuis konden gaan helpen. Vanaf dat moment stond mijn beslissing om in de politiek te gaan écht vast. Zes jaar lang heb ik – als enige vertegenwoordigster van WOW – in de gemeenteraad van Wilrijk gezeteld. Ik had heel veel verwachtingen en die heb ik nu nog steeds maar in de politiek moet je veel geduld hebben.’

VALAAR

Heeft zij, als enig (oppositie)lid van WOW, wat kunnen doen in de toenmalige gemeenteraad van Wilrijk? ‘Ik heb mijn best gedaan om de toestand te verbeteren aan de Egied Segerslaan en het Kolonel Slaterplein. Ik ben daar voor naar burgemeester Janssens (sp.a) geweest. Die beloofde dat het zou worden heraangelegd maar daar is het bij gebleven. Tijdens de vorige legislatuur heeft men dan de beslissing genomen dat er iets zou gebeuren. Voor het overige heb ik mij verdienstelijk gemaakt voor de senioren. Ik heb het clubhuis opengehouden van een hobbyclub maar in 2000 kwam aan het verhaal van WOW een einde.’

Vanaf dan ging het ook bergaf met haar gezondheid. ‘In 2004 werd ik geopereerd aan mijn voet – met een Sudeck – continue diffuse pijn – als gevolg) en drie jaar later werd kanker vastgesteld. Ik heb het overleefd maar de gevolgen draag ik nog elke dag. Mijn longen en hart waren verbrand. Ik woon op de tweede verdieping en kan de trap niet meer op en mijn voet doet nog steeds pijn vanwege de Sudeck. Toch kreeg ik terug goesting om opnieuw in de politiek te gaan. Ik was ondertussen lid geworden van de N-VA en Luk Lemmens en Robert Moens hebben mij kunnen overhalen. In 2012 kwam ik terug op en werd verkozen met 191 voorkeurstemmen. In oktober vorig jaar had ik er 241.‘

‘Het was wel even wennen. Vroeger gebeurde alles op papier. Nu moest ik leren werken met computer en i-pad en wat me nog het meest opvalt: politici zijn afstandelijker geworden. Dat belet niet dat we goed samenwerken, over de partijgrenzen heen, meerderheid én oppositie. Er is maar één man waar ik niet echt mee overweg kon: Johan Peeters van de sp.a, een slechte verliezer.’ Peeters kwam een paar keer in het nieuws omdat hIJ interne informatie vanuit de Antwerpse OCMW-raad had gelekt naar de pers. ‘Ik sta open voor elk goed, constructief, voorstel, van welke partij het ook komt. Veel politici vergeten dat wij zijn gekozen door het volk en dat wij er voor hen zijn en niet voor onze partij. Dat zorgde er ook voor dat de mensen vorige maand naar de PVDA en het Vlaams Belang zijn gelopen. Dat zijn proteststemmen.‘

‘Ik was tevreden met mijn resultaat bij de gemeenteraadsverkiezingen. Ik heb geen echte campagne gevoerd. Er zijn genoeg mensen die mij kennen. Wat me nog het meest plezier doet is dat die steun van overal komt. Op het Michel Willemsplein was er niks dan miserie met allochtonen maar de goed-menende allochtonen die weten dat ik achter hen sta en telkens ik daar passeerde zegden ze me: ‘Madammeke, ik stem voor u hoor.’

De naam van het plein is al herhaaldelijk gevallen. Een grondige aanpak van de wijk Valaar is het belangrijkste wat ze wil verwezenlijken. ‘Al van in 1994 is men bezig met de vijver van het Hof van Mols. Bij de her-aanleg van de straat hadden ze ervoor moeten zorgen dat het afvalwater naar daar liep maar dat is niet gebeurd waardoor die vijver geregeld kurkdroog staat. Tijdens de vorige legislatuur is het de grootste deel van het budget naar het Valaar gegaan maar dat was nog niet genoeg. De Daniel Reynslaan is rot. En we zitten natuurlijk met de Boomsesteenweg die ons district twee keer doorkruist. Aan de kant van het Kiel heb je de Jules de Geyterstraat, die deels op Wilrijks en deels op Antwerps grondgebied ligt of de De Bruynlaan, aan de sportstraten, waar ze hetzelfde probleem hebben. Plannen moeten worden hertekend. De begoede allochtonen zijn het Kiel ontvlucht. Eerst zaten ze tot aan de Letterkundestraat, nu al tot hier (de Pastoor Bauwenslaan). Het resultaat is dat de anderen in een soort getto vertoeven waar het niet leuk komen is. Wanneer je aan buurtwerking doet zie je die mensen nooit.’

HEL VAN TANGER

Als afsluitertje wandelen we nog even door het familiealbum. Normaal het einde van een gesprek dat niet wordt gepubliceerd maar dit keer is het anders. Heftig. Ontroerend. Choquerend. Haar man, Guido Hulstaert, met wie ze 60 jaar gehuwd is, heeft ons gesprek gehoord vanuit zijn zetel. ‘Ik ben nog atletiekkampioen geweest in de jeugdcategorieën. Ik liep 6.4 op de 60 meter, de beste Belgische jaarprestatie. En ik was trainer bij W.A.K. (ondertussen opgegaan in A.V.I). Ik heb van Karin Verguts een kampioene gemaakt die naar de Olympische Spelen mocht en Bruno Brocken begeleid. En gedeputeerde Luk Lemmens –wiens ouders bij de club werkten, heeft nog letterlijk onder mijn armen doorgelopen. Mijn broer zetelde 24 jaar voor het Vlaams Blok in de gemeenteraad en alhoewel ik er niks mee had, heb ik daar toch hinder van ondervonden.’

Ondertussen bekijken we de familiefoto’s op de kast. ‘Mijn zuster. Woont ook in Wilrijk. Mijn dochter. Woont met mijn schoonzoon – een schat van een jongen – in Hemiksem. En daar: een schilderij van mijn kleinkind. En dit zijn foto’s van mijn broer. Pierre. Zegt je dat niks?’ Het zijn jeugdfoto’s. Recentere foto’s wil ze niet zien. ‘Nooit naar de Hel van Tanger gekeken met Filip Peeters in de hoofdrol? Dat is een verfilming van wat hij heeft meegemaakt.’ Ik word stiller en verlies mijn stem helemaal wanneer ik het volledige verhaal te horen krijg, dat nog veel heviger, corrupter en aangrijpender is, dan wat in de film wordt getoond.

Even kort het verhaal zoals u het wellicht ook op het witte scherm hebt gezien: Pierre Stukken werd in november 1996 aangehouden in Marokko op verdenking van drugssmokkel. Na een kort proces werd hij tot vijf jaar cel veroordeeld. Het gevangenisregime was ondraaglijk. Hij zat met dertien gedetineerden in een cel. Na 2,5 jaar kwam hij vrij, maar zijn gezondheid was fel achteruit gegaan. Hij had onder meer tuberculose.

‘Pierre was erin geluisd. Hij vond het al raar dat zijn baas en zijn vriendin, die aanvankelijk met hem zouden meerijden, plots het vliegtuig namen. Er werd 350 kilogram hasj gevonden. De eigenaar van de busmaatschappij bekende maar toch bleven Pierre en zijn collega in de cel. Een verschrikking.’ Wat dan volgt is een – niet geheel voor publicatie bedoeld – verhaal over corruptie. ‘We stuurden dingen op naar de gevangenis. Nog voor die in Tanger aankwamen had men de beste spullen er al uitgenomen.’ Zonder in detail te treden: de Belgische ambassadeur werd een tijdje later uit zijn ambt ontzet. ‘Uiteindelijk heeft een journalist van de VRT Pierre gered. We kregen twee uur om Tanger te ontvluchten. Anders zou hij opnieuw worden opgesloten. Terug in België werd hij onmiddellijk opgenomen in een Antwerps ziekenhuis waar hij geen verzorging kreeg. Zijn papieren waren niet in orde. Voor de Belgische staat heeft hij twee jaar niet geleefgd. Uiteindelijk beloofde de tv-journalist om een lovende reportage over het ziekenhuis te maken indien ze Pierre zouden verzorgen. Ze hapten toe. De reportage heeft hij gelukkig wel nooit opgenomen. Het lichaam van Pierre was aangetast door de tbc. En het werd alleen maar erger. Hij en ik, broer en zus, samen hadden we kanker. We moedigden elkaar aan om te blijven leven maar voor hem hoefde het niet meer. Hij had de Hel van Tanger overleefd. Dat was voldoende.’ Pierre Stukken overleed in oktober 2007. Hij was 63 jaar oud. (EM)